DIEFSTAL – STRAFRECHTADVOCAAT

U wordt verdacht van diefstal. Dit is heel erg vervelend voor u en dit kan verregaande gevolgen hebben. Zo wordt u ondervraagd tijdens het politieverhoor diefstal. U kunt in voorarrest worden genomen. De officier van justitie kan u gaan vervolgen tijdens een OM zitting. Vervolging bij de politierechter of meervoudige strafkamer is ook mogelijk. Er zijn verschillende vormen van diefstal, zoals winkeldiefstal, diefstal met geweld, diefstal van vervoermiddelen, zakkenrollerij, tasjesroof en straatroof, inbraak, ram en plofkraken en overval en beroving. Alle vormen van diefstal hebben met elkaar gemeen dat er sprake is van onrechtmatig toe eigenen van goederen. Andermans eigendom wordt dus op onrechtmatige wijze afgepakt. Met andere woorden in het juridisch noemen we dit wederrechtelijke toe-eigen. Op deze pagina zullen de advocaten van Andeweg van Doveren Advocatuur de volgende onderwerpen behandelen. 

Direct een advocaat voor diefstal nodig

Klik op de afbeelding

Diefstal advocaat diefstal met geweld inbraak

Strafbaarheid diefstal

Diefstal is strafbaar gesteld in artikel 310 tot en met 316 Wetboek van Strafrecht. De tekst van de wet luidt als volgt.

Artikel 310:
Hij die enig goed dat geheel of ten dele aan een ander toebehoort wegneemt, met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen, wordt, als schuldig aan diefstal, gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste vier jaren of geldboete van de vierde categorie.

Artikel 311:
lid 1. Met gevangenisstraf van ten hoogste zes jaren of geldboete van de vierde categorie wordt gestraft:
1. diefstal van vee uit de weide;
2. diefstal bij gelegenheid van brand, ontploffing, watersnood, schipbreuk, stranding, spoorwegongeval, oproer, muiterij of oorlogsnood;
3. diefstal gedurende de voor de nachtrust bestemde tijd, in een woning of op een besloten erf waarop een woning staat, door iemand die zich aldaar buiten weten of tegen de wil van de rechthebbende bevindt;
4. diefstal door twee of meer verenigde personen;
5. diefstal waarbij de schuldige zich de toegang tot de plaats van het misdrijf heeft verschaft of het weg te nemen goed onder zijn bereik heeft gebracht door middel van braak, verbreking of inklimming, van valse sleutels, van een valse order of een vals kostuum;
6. diefstal met het oogmerk om een terroristisch misdrijf voor te bereiden of gemakkelijk te maken.
lid 2.Indien de onder 3 omschreven diefstal vergezeld gaat van een der in onder 4 en 5 vermelde omstandigheden, wordt gevangenisstraf van ten hoogste negen jaren of geldboete van de vijfde categorie opgelegd.

Artikel 312:
lid 1. Met gevangenisstraf van ten hoogste negen jaren of geldboete van de vijfde categorie wordt gestraft diefstal, voorafgegaan, vergezeld of gevolgd van geweld of bedreiging met geweld tegen personen, gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden of gemakkelijk te maken, of om, bij betrapping op heter daad, aan zichzelf of andere deelnemers aan het misdrijf hetzij de vlucht mogelijk te maken, hetzij het bezit van het gestolene te verzekeren.
lid 2. Gevangenisstraf van ten hoogste twaalf jaren of geldboete van de vijfde categorie wordt opgelegd:
1. indien het feit wordt gepleegd hetzij gedurende de voor de nachtrust bestemde tijd in een woning of op een besloten erf waarop een woning staat; hetzij op de openbare weg; hetzij in een spoortrein die in beweging is;
2. indien het feit wordt gepleegd door twee of meer verenigde personen;
3. indien de schuldige zich de toegang tot de plaats van het misdrijf heeft verschaft door middel van braak of inklimming, van valse sleutels, van een valse order of een vals kostuum;
4. indien het feit zwaar lichamelijk letsel ten gevolge heeft;
5. indien het feit wordt gepleegd met het oogmerk om een terroristisch misdrijf voor te bereiden of gemakkelijk te maken.
lid 3. Gevangenisstraf van ten hoogste vijftien jaren of geldboete van de vijfde categorie wordt opgelegd, indien het feit de dood ten gevolge heeft.

Artikel 313
Bij veroordeling wegens diefstal kan ontzetting van de in artikel 28, eerste lid, onder 1, 2 en 4, vermelde rechten worden uitgesproken.

Artikel 314 – Stroperij
lid 1. Hij die, zonder geweld of bedreiging met geweld tegen personen, geheel of ten dele aan een ander toebehorende klei, bagger, ongesneden veen, zand, aarde, grind, puin, mestspeciën, zoden, plaggen, heide, helm, wier, riet, biezen, mos, onbewerkt en niet vervoerd hak- of sprokkelhout, ongeplukte of afgevallen boomvruchten of bladeren, te veld staand gras of te veld staande of na de oogst achtergebleven veldvruchten wegneemt, met het oogmerk om zich die voorwerpen wederrechtelijk toe te eigenen, wordt, als schuldig aan stroperij, gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste een maand of geldboete van de tweede categorie.
lid 2. Indien tijdens het plegen van het misdrijf nog geen twee jaren zijn verlopen sedert een vroegere veroordeling van de schuldige wegens gelijk misdrijf onherroepelijk is geworden, wordt hij gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste twee maanden of geldboete van de tweede categorie.

Artikel 315
lid 1. Met gevangenisstraf van ten hoogste drie jaren of geldboete van de vierde categorie wordt gestraft:
stroperij gepleegd met behulp van vaartuigen, wagens, trek- of lastdieren;
stroperij gepleegd onder een of meer der in artikel 311, eerste lid, onder 2 tot en met 5, vermelde omstandigheden.
lid 2. Ontzetting van de in artikel 28, eerste lid, onder 1, 2 en 4 vermelde rechten kan worden uitgesproken.

Artikel 316
lid 1. Indien de dader van of medeplichtige aan een der in deze titel omschreven misdrijven de niet van tafel en bed of van goederen gescheiden echtgenoot is van hem tegen wie het misdrijf is gepleegd, is de strafvervolging tegen die dader of die medeplichtige uitgesloten.
lid 2. Indien hij zijn van tafel en bed of van goederen gescheiden echtgenoot is of zijn bloed- of aanverwant, hetzij in de rechte linie, hetzij in de tweede graad van de zijlinie, heeft de vervolging, voor zover hem betreft, alleen plaats op een tegen hem gerichte klacht van degene tegen wie het misdrijf is gepleegd.
lid 3. Indien het vorige lid van toepassing is, neemt de termijn bedoeld in artikel 66 een aanvang op de dag nadat de identiteit van de verdachte aan de tot de klacht gerechtigde bekend werd.

Politieverhoor diefstal

Bijstand van een strafrechtadvocaat is strikt noodzakelijk bij een politieverhoor. Vooral als u wordt verdacht van het ernstige strafbaar feit diefstal. De advocaten van Andeweg Van Doveren leggen u op heldere en duidelijke wijze uit wat u kunt verwachten tijdens het politieverhoor. Wat u vooral wel en niet moet zeggen tijdens het politieverhoor. Ook geven zij u voorbeelden van strikvragen die de politie stelt aan u. Doe dus nooit afstand van een advocaat bij een politieverhoor. Als u aangehouden bent heeft u recht op een advocaat. U kunt dan aangeven dat u advocaat Andeweg of advocaat Van Doveren wilt als piketadvocaat. Onze bijstand is dan tijdens het politieverhoor gratis. Wij zijn vaak al binnen het uur dan bij u op het politiebureau. Zo voorkomt u dat u een onervaren piketadvocaat wordt toegewezen. De advocaten van Andeweg Van Doveren Advocatuur behandelen strafzaken op pro deo basis.

Voorarrest

Diefstal is een strafbaar feit waarop een maximum gevangenisstraf is gesteld van vier jaren. Dit houdt in dat voorarrest mogelijk is in alle gevallen van diefstal. Of er voorarrest wordt toegepast door de officier van justitie is ook mede afhankelijk van eerdere veroordelingen in de afgelopen vijf jaren. Als er sprake is van eerdere veroordelingen (recidive) dan wordt u eerder in voorarrest geplaatst. Ook als u zonder vaste woon of verblijfplaats in Nederland verblijft, wordt u in voorarrest genomen. U kunt ervan uitgaan dat als er sprake is van diefstal met geweld of inbraak in een woning dat u in voorarrest genomen wordt.

Voorarrest minderjarigen

In jeugdstrafzaken waarbij de minderjarige verdacht wordt van diefstal kan in bepaalde gevallen voorarrest worden toegepast. Volgens de Richtlijn en kader voor strafvordering jeugd en adolescenten wordt bij minderjarigen overgaan tot het toepassen van voorarrest in de volgende gevallen:

* diefstal met braak in een woning
* diefstal met geweld (straatroof)
* afpersing
* overval op winkel of woning

Daarnaast geldt natuurlijk dat als er sprake is van (meermalen) recidive er ook voorarrest toegepast kan worden in andere gevallen van diefstal. Hierbij kunt u denken aan inbraak in een bedrijf, winkeldiefstal, fietsendiefstal, diefstal auto en zakkenrollerij.

Voorarrest volwassenen

Bij volwassenen wordt het voorarrest anders beoordeeld dan bij minderjarigen. Het Openbaar Ministerie heeft richtlijnen voor de strafvervolging op grond waarvan een een strafeis wordt geformuleerd. Als de strafeis gevangenisstraf is, zal er eerder voorarrest worden toegepast. Als er in de kolom van de de tabel welke op uw zaak van toepassing is gevangenisstraf staat, kan er voorarrest worden toegepast. De volgende richtlijnen zijn van belang:

* richtlijn voor zakkenrollerij
* richtlijn voor winkeldiefstal al dan niet met geweld
* richtlijn voor diefstal voertuigen
* richtlijn voor  straatroof
* richtlijn voor  ram en plofkraken
* richtlijn voor mobiel banditisme
* richtlijn voor inbraak/insluiping in woning
* richtlijn voor inbraak overig
* richtlijn voor metaaldiefstal

Uitgangspunt bij al deze richtlijnen is het alleen plegen van het strafbare feit. Is er sprake van meerdere verdachten (medeplegen) dan wordt de strafeis met 33% verhoogd. Is er sprake van recidive binnen twee jaar dan wordt de strafeis met 50%  verhoogd en wordt de naaste hogere sanctiemodaliteit als vermeld in de tabel toegepast. Als er recidive is binnen twee tot vijf jaar geldt een verhoging van de strafeis met 50%.  Bij meermalen recidive geldt dat er altijd een onvoorwaardelijke gevangenisstraf wordt geëist en een strafverhoging van 100% geldt of de naast hogere sanctiemodaliteit van de tabel wordt toegepast. Bij veelplegers wordt nagenoeg in alle gevallen voorarrest toegepast omdat de strafeis met 100% wordt verhoogd en er altijd minimaal 1 maand gevangenisstraf wordt geëist. Deze strafverzwarende omstandigheden blijken uit de aanwijzing kader voor strafvordering meerderjarigen.

Bij het onderdeel strafeis van de officier van justitie zit u de inhoud van bovengenoemde richtlijnen in tabelvorm.

Bewijs diefstal

Bij diefstal kunnen een aantal bewijsmiddelen aan de orde komen. Dit zijn bijvoorbeeld de aangifte van het slachtoffer, camerabeelden van de diefstal, getuigenverklaringen, forensische sporen en uw eigen verklaring afgelegd tijdens het eerste verhoor of volgende verhoor. Door al deze bewijsmiddelen kan de criminele handeling van het wederrechtelijk toeëigenen bewezen worden verklaard. Het enkel in bezit hebben van gestolen goederen is onvoldoende om u aan te merken als verdachte voor diefstal in het strafrecht. Dit ligt anders als u met gestolen goederen wordt aangetroffen in de nabijheid van de plaats delict of dat u met gestolen goederen wordt aangetroffen kort nadat het feit van diefstal gepleegd is. Gaat de diefstal gepaard met geweld dan zal de strafrechter ook moeten beoordelen of er ook bewijs voor het geweld aanwezig is. Geweld bij diefstal zijn verzwarende omstandigheden bij de strafbepaling

Verweren diefstal

Voorbeelden van mogelijke verweren zijn

* de diefstal is niet aan te merken als een strafbaar feit
* er is geen sprake van opzet
* er is geen sprake van wederrechtelijke toeëigenen
* u bent onterecht als verdachte aangemerkt, er is sprake van een persoonsverwisseling
* zaak is te oud om nog te vervolgen
* er is onvoldoende wettig en overtuigend bewijs.
* er is sprake van onbetrouwbaar bewijs van het strafbaar feit diefstal

STRAFEIS OFFICIER VAN JUSTITIE DIEFSTAL

De officier van justitie baseert zijn eis tijdens een OM zitting, zitting bij de Politierechter of Meervoudige strafkamer op basis van de richtlijnen van het Openbaar Ministerie. Hierbij kunnen strafverzwarende omstandigheden gelden die de strafeis verhogen. De advocaten van Andeweg Van Doveren Advocatuur merken expliciet op dat de strafeis van de officier van justitie niet de straf hoeft te zijn die ook wordt opgelegd door de rechter. De rechtbanken in Nederland hanteren hun eigen richtlijnen. Deze vindt u terug onder het kopje straffen.

Strafeis diefstal minderjarigen

De officier van justitie bekijkt voor elke minderjarige afzonderlijk wat een passende strafeis is. Hierbij wordt rekening gehouden met de persoonlijke omstandigheden van de minderjarige en het opvoedkundig aspect. De Raad voor Kinderbescherming adviseert de officier van justitie en rechter over welke straf passend en geboden is. Bij de tabel strafeis diefstal minderjarige geldt de volgende legenda. De voornoemde richtlijnen zien er in tabelvorm als volgt uit. Bij alle tabellen geldt de volgende legenda.

TS = Taakstraf
GB = Geldboete
JD = jeugddetentie

Strafeis diefstal minderjarigen

310 Sr diefstalStrafeis
Winkeldiefstal met schade tot € 150TS 20 uur / GB € 100
Winkeldiefstal met schade vanaf € 150TS 32 uur / GB € 160
FietsdiefstalTS vanaf 32 uur / GB € 160
Diefstal bromfietsTS vanaf 40 uur / GB € 200
Zakkenrollerij of bagagediefstalTS 60 uur
Diefstal autoTS vanaf 80 uur, dan wel jeugddetentie

Strafeis diefstal met braak of verbreking minderjarigen

311 Sr diefstal met braak of verbrekingStrafeis
Diefstal uit bedrijfspand of schoolTS 80 uur dan wel jeugddetentie
Diefstal uit autoTS 60 uur dan wel jeugddetentie
Diefstal uit woningUitgangspunt voorarrest en (voorwaardelijke jeugddetentie)
TS 120 uur dan wel jeugddetentie

Strafeis diefstal met geweld / afpersing minderjarigen

312 Sr diefstal met geweldStrafeis
Diefstal met geweld of dreigen met geweldUitgangspunt is voorarrest en (voorwaardelijke) jeugddetentie
Minimaal geweld (weggrissen telefoon of dreigend vragen om telefoon)TS 60 uur dan wel jeugddetentie
Overval winkelVanaf 4 maanden JD
Overval woningVanaf 6 maanden JD